Marokko

 

Marokko

Reisverhalen Home

Marokko Home
Voorbereidingen
Marokko Info
Tips
Reisverhaal
Nabeschouwing
Marokko Links


Gastenboek
Home

Baby
Fotografie
Trouwreportages
Dagje uit
Recepten
Bruiloft

  Feiten | Geschiedenis | Cultuur | Kunst, handwerk en architectuur | Eten en drinken | Omgeving



Feiten

Officiële naam - Koninkrijk van Marokko
Hoofdstad - Rabat
Inwoners - 33 miljoen
Oppervlakte - 446,550 km²
Muntsoort - Dirham
Geloof - 98% Moslim, 1% Christen, 1% Joods
Talen - Arabisch, Berbers, Spaans, Frans

Geschiedenis

De oudheid. De eerste mensen settelden zich tussen 75.000 en 125.000 voor Christus in Marokko toen het land nog bedekt was met regenwoud. Erna echter kwam er een ijstijd. Erna was het land toegankelijker om naar nieuwe gebieden te gaan.

Berbers. Het vruchtbare land dat uiteindelijk ontstond, trok nomaden uit het oosten aan. Zij waren de voorouders van de Berbers. Ze moesten het land delen met mediterrane vissers en Saharaanse paardenfokkers die later (2500 v.Chr.) naar het gebied kwamen. Later kwamen de Foeniciërs en de Oost-Afrikanen ook nog. Toen de Romeinen in de 4e eeuw arriveerden, was het land zeer multicultureel. De Romeinen noemden hun nieuwe uitbreiding Mauretanië en de bevolking denigrerend Berbers ('Barbaren'). De Berbers kwamen later in opstand tegen Hannibal en de Katharen in de Punische Oorlogen (264-202 v.Chr.). In 49 v.Chr. hielp de Noordafrikaanse Koning Juba 1 de afvallige generaal Pompei met zijn aanval tegen Julius Caesar. De nieuwe Romeinse keizer Caligula kreeg helemaal genoeg van de opstandige Berbers en maakte een einde aan de onafhankelijkheid van de Berbers in Maghreb. Caligula had een nogal hardhandige werkwijze en maakte de Berbers tot Romeinse onderdaden. Berbers uit het Rif- en Atlasgebergte lukten het uiteindelijk om de Romeinen uit hun gebied te verdrijven. De Romeinen wonnen nog wat aan populariteit door de lokale favoriet Juba II op de troon te zetten. Hij maakte van Volubilis een grote stad. Toen Juba II stierf, kregen de Romeinen steeds minder invloed op Mauretanië vanwege opstandige Berbers en aanvallen op de kustgebieden door de Vandalen, Byzantijnen en Visigothen. Echter, deze volkeren konden Mauretanië ook niet in de hand houden. De Vandalen trokken daarop richting Algerije.

Geloofskracht. Begin 7e eeuw vereerden de Berbers vooral hun eigen goden, totdat in Mekka Mohammed profeet werd. Hij verkondigde dat er slechts één God was en dat je Gods wil moest respecteren. De polytheïsten verbanden hem uit de stad in 622. Deze Hejira zorgde er echter voor dat Mohammeds boodschap alsmaar wijdverspreider werd. Na zijn dood in 632 zorgden Arabische religieuze leiders ervoor dat de Islam geïntroduceerd werd in Centraal-Azië en Noord-Afrika. Pas in 682 werd Marokko bereikt onder leiding van de Arabische leider Uqba bin Nafi. Hij zou zelfs doorgaan tot de oceaan als God dat wilde. De Algerijnse koningin Al-Kahina geloofde niet in deze grootspraak en dwong hem zich terug te trekken tot Tunesië. In eerste instantie wilden de Berbers zich niet tot de Islam bekeren, maar gaven zich geleidelijk tot over, omdat veel punten toch overeenkwamen met hun geloof. Zo stonden ze ook open voor handelswegen vanuit het oosten, waarvan ze dan weer profiteerden.

Het geloof in macht. De bewondering tussen de Berbers en de Arabieren was niet altijd wederzijds. De Arabieren respecteerden de Joden en de Christenen, omdat zij ook in één God geloofden. Maar de polytheïstische Berbers moesten extra belastingen betalen en in het leger dienen. De vrouwen werden opgenomen in een harem. Ook de Berbers die zich bekeerden tot de Islam werden onderdanig behandeld, maar dit was eigenlijk in strijd met de beginselen van de Islam. In de 8e eeuw ontstonden opstanden in Noord-Afrika. De Berbers konden de Arabieren verslaan. De Arabieren trokken zich terug uit Spanje en Marokko. De nieuwe leiders openden handel in zilver, goud en slaven.

Koninklijke drama's. De Idrissiden vormden Marokko's eerste koningshuis. Een afstammeling van van profeet Mohammeds dochter Fatima, Idriss I, verliet in 786 Arabië om naar Marokko te gaan. De Kalief Haroen er-Rashid was namelijk van plan om zijn hele familie te doden. Idriss I Hij werd door de Berbers tot imam benoemd en hij zorgde ervoor dat veel Berbers in Noord-Marokko zich tot de Islam bekeerden. Vlak erna zetelde hij zich in de nieuwe hoofdstad Fès. Haroun er-Rashid kreeg toen de kans om hem te vermoorden door hem te vergiftigen. Echter, Idriss I had ook na zijn dood nog veel invloed. Zijn zoon, Idriss II, kon de gruwelijkheden van Haroun ontvluchten en breidde zijn vaders invloed uit naar Noord-Marokko en Spanje. De 13 zonen van Idriss II deelden de macht van het koningshuis en breidden nog verder uit en bouwden belangrijke moskeeën.

De Almoraviden strijders. In het noorden van Marokko begon de handel te bloeien. In het zuiden, echter, was een profeet actief met een eigen versie van de Koran. Militairen in de buurt van de handelsposten van de noordelijke Marokkanen moesten niet veel hebben van deze vorm van de Islam. Vanuit deze onvrede werd de Sanhaja, een Berber volk dat het Almoraviden koninkrijk stichtten, groter en machtiger. Ze hadden vooral macht in het zuiden van Marokko, terwijl de Idrissiden in het noorden en in Spanje actief waren. De twee groepen verschilden in cultureel opzicht ook veel van elkaar. De Sanhaja verkenden het gebied in het noorden onder leiding van Yahya ibn Umar en zijn broer Abu Bakrrode. Ze vernielden veel bordelen en muziekinstrumenten en waren ook niet vies van moorden. Yahya werd zelf ook vermoorde ne Abu Bakr werd teruggeroepen naar de Sahara. Hun neef Yusuf bin Tachfin bleef achter in het militaire kamp, dat zou uitgroeien tot de stad Marrakesh. De stad kreeg een muur om het te beschermen tegen aanvallen en een irigatiesysteem om palmbomen te laten groeien. In 1069 namen ze Fès in en ook hier werd een irigatiesysteem aangelegd, alsmede hammams, molens en tuinen. De Joden en Andalusiërs profiteerden hiervan. De Christenen en Moslims in Spanje echter kregen het erg zwaar te verduren. In de tussentijd ontstond er in het zuiden een nieuwe groepering, de Almohaden.

Almohaden. Ali was de zoon van Yusuf en hij volgde zijn vaders ideeën op. De spiritueel leider van de Almohaden, Mohammed ibn Tumart had een nogal harde hand en dat resulteerde tot zijn verbanning uit Marrakesh toen hij Ali's zus van haar paard duwde. Toen Tumart vlak erna stierf, gingen de andere Almohaden gewoon door. In 1145 namen zij Fès in, en in 1147 hadden zij definitief de macht in handen over Marrakesh. Alles werd met de grond gelijk gemaakt en de rechterlijke macht werd vermoord. Ze herbouwden de moskeeën en de stad kreeg een nieuwe architectuur. In 1185 kwam er weer een beetje rust toen Abu Yusuf Yacoub, de zoon van de moslim gouverneur in Sevilla en Valencia, naar het zuiden kwam en zijn vijanden richting woestijn dreef. Hij bleef in die tijd altijd in Spanje en overwon de prinses van Spanje. Hij bracht de architectuur van Marrakesh in Sevilla en zorgde ervoor dat Marrakesh weer de hoofdstad van de Almohaden werd. Er kwamen er veel hammams en moskeeën. Daarentegen sloopte hij een aantal synagogen. In Europa in de tussentijd ontstond er een opstand van de Christenen. De Almohaden waren niet sterk genoeg om terug te vechten.

De Mereniden. Toen de Zenata Berbers uit de Atlas Marrakesh binnenvielen, waren de Almohaden definitief verslagen. Ze stichtten religieuze scholen in elke stad en vroegen de Joden en Christenen extra belasting. In ruil hiervoor mochten ze hun handel behouden, waarvan de Berbers weer konden leren. Maar er kwam veel opstand, o.a. in Fès. De Castiliaanse Christenen hielden Salé in de gaten en de Mereniden hielden contact met de Castiliaanse prinses om zich tegen de Moslims te beschermen. In de 14e eeuw echter werden de Moslims uit Spanje verdreven. De Mereniden bedachten een list om weer meer macht te krijgen: ze trouwden met prinsessen uit Granada en Tunis. Ook claimden ze Algiers, Tripoli en de strategisch gelegen haven van Ceuta. De pest liet het plan in het water vallen: de koninkrijken sneuvelden, en dus ook de macht van de Mereniden. Abu Inan, zoon van Merenideleider Abu Hassan, maakte misbruik van de situatie en benoemde zichzelf tot de nieuwe leider. Abu Hassan pikte dit niet, maar wraak had geen zin: Abu Inan vermoordde zijn vader. Abu Inan werd zelf vermoord door één van zijn adviseurs in 1358. Deze adviseur moordde meer, maar toen de Merenid Abu Salim Ibrahim terugkwam uit Spanje, kwam hier een einde aan. Zijn adviseur weer wilde met zijn zus trouwen, om zo in de gelegenheid te komen hem te vermoorden. Deze adviseur werd weer vermoord door een andere Merenid, die ook weer vermoord werd door een Merenid. Dit ging nog zo even 40 jaar door. In de tussentijd werd de kust langzaam ingenomen door de Portugezen.

De Saadianen. Een groot deel van Portugal was in de 12e eeuws onder Islamitisch bewind. Nu wilden de Portugezen wraak gaan nemen. Portugals inwonersaantal groeide en het land had meer voedsel nodig. Daarvoor wilden ze Marokko gebruiken. Met behulp van wapens vochten ze tegen Marokko, dat geen vuurwapens bezat. Via de havens konden ze zo dieper landinwaarts varen richting West Afrika voor goud en slaven. Toen de handel zwakker werd, werden de gemeenschappen in de Sahara kleiner en er dreigde een hongersnood. De Beni Saad Berbers uit de Drâa Vallei kwamen in opstand tegen de Portugezen en een nieuw koningshuis in Marrakesh was opgericht toen ze Marrakesh in 1525 weer tot hun hoofdstad benoemde. Deze Saadianen brachten de handel weer tot bloei. Ze vroegen aan Europeanen torenhoge prijzen voor het gewilde suiker. Er ontstond een soort suiker-maffia. De Saadiaan Sultan Ahmed al-Mansour ed-Dahbi was de ergste en hij bracht veel goud en edelstenen in zijn paleis aan.

De vroege Alawieten. In de 17e eeuw stortte de macht van de Saadianen in één keer in. Er kwam een burgeroorlog totdat de Alawieten kwamen. De Alawieten waren afstammelingen van de profeet Mohammed. Maar de meeste Marokkanen geven toch de voorkeur voor het anarchisme van de Saadianen boven tweede leider van de Alawieten, Moulay Ismail. Hij had rare gewoontes, maar was toch geliefd bij de Europeanen. Hij was zeer gastvrij voor zijn gasten in zijn paleis in Meknès, gebouwd door Christelijke slaven. Na afloop werden ze ondankbaar aan de kant gezet, of zelfs ingemetseld. Ismail had nog meer rare streken en dat pikte de bevolking niet meer. De Zwarte Garde zorgde ervoor dat geen van zijn kinderen hem opvolgde na zijn dood in 1727. De Alawieten waren tot de 20e eeuw aan de macht, maar ze moesten het vooral hebben van piraterij. Aan het eind van de 18e eeuw was het Sidi Mohammed ben Abdullah die hier een einde aan maakte, maar dit had op financieel vlak desastreuze gevolgen. Ziektes verspreidden zich weer en er heerste weer droogte.

Europese inbreuk. De Alawieten vergaten dat de Berbers contacten hadden met Europa. Toen ze daar gebruik van wilden maken, was het al te laat: Frankrijk kwam Marokko binnen rond 1830. De Fransen allieerden met de Berbers om de Ottomanen te verjagen. In 1860 lukte het Spanje eindelijk om Noord-Marokko te bezetten. Koningin Victoria van Engeland eiste dat de Marokkaanse wetgeving aangepast werd. Ze sloot ook een deal met Spanje en Frankrijk. Het werd lastig om de macht te handhaven in de steden en in de bergen van de Berbers. Moulay Hassan stelde machtige Berberse leiders aan om de controle terug te krijgen. Ondertussen sloten sommige Berbers ook een deal met Europeanen. Ondertussen vonden de Europeanen de goederen belangrijker dan de allianties. In 1880 kwamen Frankrijk, Engeland, Spanje en de VS tot overeenstemming dat Marokko zelfstandig kon worden, maar dat ze nog wel gebruik mochten maken van de goederen. Maar Europa kwam steeds meer naar Noord-Afrika. Alleen Duitsland nam het voor Marokko's zelfstandigheid op. Dit leidde tot wrijving tussen Duitsland en andere Europese landen.

De Franse bescherming. In 1906 werd tijdens de Conferentie van Algericas besloten dat de Marokkaanse banken, grenzen en politietaken werden overgedragen aan de Fransen uit 'bescherming'. In 1912 werd Marokko een Frans beschermheerschap. De Fransen benoemden een nieuwe Sultan en stichtten nieuwe steden onder toezicht van Resident-Generaal Louis Lyautey. De Marokkanen moesten belasting afstaan en de minder leuke banen invullen. Lyautey wilde ook de Berbers uit elkaar halen, de alliantie met Spanje versterken en de handel op wat voor manier dan ook hoog houden. Toen Mohammed V sultan werd, verwachtte Lyautey dat de Franse zakenwereld gewoon door bleef gaan. Maar de nieuwe sultan was een nationalist en opkwam voor de Marokkanen. Stakingen in de mijnbouw en opkomst van vakbonden gooiden roet in het plan van de Fransen. Zij moesten het leger inzetten om de Marokkanen terug in de mijnen te krijgen. De Berbers in het Rifgebergte kwamen in 1921 bewapend in opstand tegen de Spanjaarden en de Fransen onder leiding van Ibn Abd al-Krim al-Khattabi. Het duurde 5 jaar voordat ze hem gevangen konden nemen om hem te verbannen. De Fransen werden sterker door de Berber Thami el-Glaoui tot de Pasha van Marrakesh te benoemen. Thami vond zichzelf erg belangrijk geworden en dacht dat hij alles kon maken. Hij voerde brute executies in en liet vrouwen en kinderen ontvoeren. Iedereen die over onafhankelijkheid begon, kreeg de doodstraf. In 1953 werd Mohammed V verbannen. Misschien uit wraak, maar de pasha ging ten onder door een ziekte en vroeg vergiffenis aan Mohammed V.

De onafhankelijkheid. Tijdens de Tweede Wereldoorlog stationeerden Amerikanen in Casablanca. In 1944 vroeg de Onafhankelijkheidspartij vrijheid aande Amerikanen en de Engelsen. Onder druk lieten de Fransen Mohammed V weer terugkeren en Marokko werd in 1956-1958 na onderhandelingen onafhankelijk van Spanje en Frankrijk. Toen Mohammed V in 1961 plotseling stierf, volgde Hassan II hem op. Hij had een moeilijke taak in een land dat nog niet echt stabiel was. Hij versterkte zijn macht door hard op te treden indien nodig en het parlement voor 10 jaar te schorsen. Hij leende veel geld om alles weer op te bouwen, maar hierdoor kwam Marokko in 1970 in een diepe schuld. Er werd geprobeerd de koning te vermoorden om iets te laten veranderen. Toen werd er ineens fosfaat gevonden in de Westelijke Sahara in 1973. Hassan II eigende dit gebied zichzelf toe, tot ongenoegen van de oorspronkelijke bevolking.

Hedendaags Marokko. De kloof tussen rijk en arm werd groter en de belastingen om de schulden weg te werken waren erg hoog. In de jaren 80 waren er veel critici van Hassans beleid. In 1981 werd het voor velen te veel toen bleek dat de regering met het internationaal monetair fonds had afgesproken om de prijzen van voeding omhoog te doen. Dit zou voor 2/3 van de bevolking armoede betekenen. Opstanden werden afgestraft door grote tankwagens. Honderden mensen werden gedood en duizenden gearresteerd. De groepering Casablanca Uprising protesteerde voor een hervorming van de regering. Dit had in 1991 het resultaat dat Hassan II het 'Waarheid en Verzoening Commissie' om het misbruik van humane rechten te onderzoeken. Mohammed VI volgde zijn vader in 1999 op. Hij beloofde om iets terug te doen voor de Marokkanen die niet eerlijk behandeld waren in het verleden. Maar de aanslagen op 11 september in de VS en de geweldadigheden in Casablanca in 2003 hebben Marokko niet veel goeds gedaan. Het land kwam weer onder druk te staan. De 'Waarheid en Verzoening Commissie' heeft zich verder ingezet voor de rechten van de bevolking en de nieuwe regering in 2002 beloofde ook verbetering. Er kwamen gemeentelijke verkiezingen en de Berbertalen werden weer geaccepteerd op school. Een bijzondere wet was de Mudawanna, die vrouwen recht gaf te scheiden en zorgde dat ook vrouwen voogdij konden krijgen. In de 21e eeuw is er vrije handel tussen Marokko en de VS en de EU.

Naar boven

Cultuur

Levensstijl. De band met de familie is zeer hecht. Familie geeft personen inspiratie en ambitie. Familie geeft de Marokkanen ook status. Je ziet nu wel dat familie niet altijd meer bij elkaar woont; vooral de jongeren zoeken de stad op.

Onderwijs is ook zeer belangrijk voor de status van Marokkanen. Analfabetisme komt voor bij ca 45% van de bevolking, vooral vrouwen. Marokkaanse meisjes werken nog veelal in de industrie en krijgen geen onderwijs. Hier komt wel verbetering in.

Marokkanen zijn meestal loyaal tegenover gedrag dat in het openbaar niet getolereerd wordt, zoals alcohol drinken. Er zijn ook 'strenge' wetten, zoals seks voor het huwelijk, die niet streng nageleefd worden.

Niet iedereen loopt meer in de traditioneel Marokkaanse kleding. Vooral jongeren kleden zich modern, vooral in grote steden. Ook wordt niet meer overal een hoofddoek gedragen, zelfs niet door vrouwen op het platteland.

Economie. 19% van de bevolking leeft onder de armoedegrens en er is een werkloosheidspercentage van 13. Het gemiddelde jaarinkomen is US$1520 en dit is niet altijd voldoende voor voldoende voedsel. Sociale voorzieningen worden vanuit de familie gegeven, niet vanuit de regering. De vakbonden zijn hier wel tegen aan het protesteren. De kloof tussen rijk en arm groeit. Er ontstaat zo een nieuwe middenklasse van boeren en ambtenaren.

De belangrijkste inkomsten komen vanuit de handel, toerisme, giften van familie uit het buitenland en arbeid. Het toerisme is bezig aan een sterke groei. De industrie levert lederen producten, textiel, voedsel en fosfaat (uit de mijnen). Ook de landbouw is belangrijk. De vishandel levert minder op, omdat de Middellandse Zee niet zo veel vis heeft.

Bevolking. 35% van de bevolking is jonger dan 15 jaar. Marokkanen krijgen niet meer veel kinderen, omdat de hygiëne en gezondheidszorg verbeterd zijn. Bovendien kiezen veel vrouwen ook voor een carrière. In de steden is de bevolking ook erg jong, omdat daar de jongeren heen gaan om werk te zoeken. Naast de Arabieren en de Berbers leven er zo'n 100.000 Fransen in Marokko.

Religie. 99% van de Marokkanen is Moslim. In het verre verleden kwamen andere godsdiensten wel voor. Mensen met een andere religie wonen vooral in de grote steden. Een groot deel van de cultuur is gebaseerd op de Islam. De meesten volgen de Sunni leer en dan de Maliki school in het bijzonder. Dit is de minst strenge school. De wet, Sharia'a, wordt meestal uitgevoerd voor lokale gewoonten, ipv strenge landelijke harde wetten. Marokko kent ook heiligen, de marabouts. Heiligen vereren is meer een oude Berbertraditie dan een Islamitische.

Naar boven

Kunst, handwerk en architectuur

Kunst. Er zijn veel oude verhalen en die zijn pas recent op papier gezet. Vanwege het analfabetisme zijn gesproken verhalen nog steeds belangrijk. Er is altijd veel censuur geweest, maar koning Mohammed VI is veel minder streng. Hedendaagse schrijvers durven voor hun mening uit te komen en te schrijven over 'verboden' onderwerpen.

Klassieke Marokkaanse muziek is een mix tussen Andalusische en Arabische stijlen. Het heeft een basis van snaarinstrumenten. Gnaoua muziek heeft een beetje weg van rythmische blues. De oude Berber cultuur heeft ook zijn traditionele volksmuziek. Algerijnse rai muziek hoor je ook veel in Marokko. In de steden komt ook Marokkaanse popmuziek voor.

Kalligrafie is zeer kenmerkend voor de Marokkaanse kunst. Er zijn zelfs speciale scholen voor (Quran). Je komt het overal tegen: op wandtegels, in bogen en op hout. Op servies, op sieraden en op leer. Met henna kan ook je huid worden getatoeëerd.

Handwerk. Zellij is het typisch Marokkaanse mozaiek. Elk tegeltje is met de hand op maat gemaakt. Handgemaakt tapijten zijn er in verschillende soorten. Rabati tapijten zijn pluisachtig en hebben een diepe kleur en een centraal figuur. Aan de randen zitten kleine details. Hanbels zijn platter en hebben vrij abstracte figuren.

Kleding is vaak zeer rijk geborduurd. Cactusvezels in combinatie met katoen wordt veel gebruikt om te weven. Een ander materiaal dat veel gebruikt wordt in de textielindustrie is vilt.

De leerhandel was vroeger heel groot toen er veel vraag was naar kamelenzadels. Nu worden veel spullen van leer gemaakt ten behoeve van het toerisme. Je kunt er ook terecht voor maatwerk.

Keramiek wordt vooral in de keuken gebruikt. Elke stad en streek hebben hun eigen kleuren. Maar een echte traditie in keramiek kent Marokko niet.

Thee speelt een centrale rol in de Marokkaanse samenleving en die wordt geschonken uit bronzen, koperen of zilveren kannen. Ze worden geheel met de hand gemaakt en beschreven met kalligrafie.

Hoewel Marokkanen veel sieraden dragen, zit er weinig goud bij. Goud wordt namelijk in verband gebracht met de duivel. Omdat Marokkaanse mijnen hoofdzakelijk fosfaat en olie bevatten, moeten materialen voor sieraden worden geïmporteerd. In plaats van sieraden versieren met allerlei stenen, bewerken de kunstenaars de zilveren sieraden met fijne details.

Het hout dat in Marokko wordt gebruikt is vaak zeer aromatisch. Deuren zijn vaak van hout en zeer rijk bewerkt.

Architectuur. De koningssteden zijn erg indrukwekkend, maar ze kunnen qua opbouw erg chaotisch overkomen. Het oude centrum heet de medina en centraal hierin vind je de moskeeën en de souqs (markten). In het centrum kun je ook pleinen vinden. Dit zijn centrale ontmoetingsplaatsen. In het midden van de souqs bevinden zich fuduqs: winkeltjes met woonruimte erboven. De koninklijke paleizen bevinden zich op grote afstand van de souqs, op plaatsen waar ruimte en rust is. Toen Marokko in andere handen kwam, werden de steden buiten de stadsmuur van de medina uitgebreid. Deze buurten hebben een moderne architectuur. Casablanca is in zijn geheel een moderne stad en doet erg Europees aan, terwijl er ook nog Marokkaanse elementen zijn te vinden.

In de woestijn staan grote kastelen van een soort baksteen (ksour). Soms staan ze in een oase, maar soms ook gewoon tegen een rotswand.

De steden aan de kust hebben vaak witte huizen met blauwe deuren. Hoewel het oud is, komt het toch modern over. De steden hebben ook een haven en zijn daardoor veel in contact geweest met bijvoorbeeld Europeanen. Ze zijn ook extra beveiligd met dikke stadsmuren.

In de bergen komen kleine dorpjes voor. De huisjes zijn laag en er is een centraal plein waar handelaars uit de omgeving naar toe komen. Het is er niet makkelijk leven door de hoogte en het hoogteverschil, maar toch wonen de Berbers er al lang.

Naar boven

Eten en drinken

Omdat bijna alles zelf verbouwd wordt, zijn veel groenten vers en seizoensgebonden verkrijgbaar. De gerechten kunnen daarom ook van streek tot streek verschillen. Het ontbijt (Al-ftour). Het ontbijt is erg belangrijk in Marokko. Je kunt een aangepaste versie van het continentale ontbijt vinden in cafés. Op de souqs vind je allerlei lokale gerechten, zoals olijven en geitenkaas. Koobz is knapperig Marokkaans brood. Aan de straat zitten veel fruitverkopers.

Lunch (El-Ghda). De lunch is meestal de hoofdmaaltijd van de dag. Marokkanen kunnen wel 3 tot 4 uur over de lunch doen. Veel restaurants, banken, enz zijn dan ook gesloten. Het is belangrijk om zo te lunchen vanwege de hitte. De maaltijd wordt afgesloten met muntthee. In zogenaamde snaks (kiosken) kun je ook een sandwich. In sommige restaurants die wat meer gericht zijn op toeristen, serveren ook de wat kleinere maaltijden tijdens de lunch. In het algemeen beginnen de lunches met een salade (mezze). Het voorgerecht is meestal tajine (stoofpot) of couscous. Elke streek heeft zijn eigen specialiteiten. De hoofdgang bestaat meestal uit een groot stuk lam of kalf. Het nagerecht is vaak de muntthee.

Diner (A late l'asha). Het diner begint vaak pas laat en is een niet zo belangrijke maaltijd. Hij wordt vaak thuis gegeten en bestaat meestal uit restjes van de lunch. Een aantal restaurants (diffa) zijn meer gericht op toeristen en hier is ook vaak entertainment. Prijzen liggen hoog.

Naar boven

Omgeving

Het land. Marokko heeft een lange kustlijn die strekt van de Middellandse zee tot de Atlantische oceaan. Helemaal in het zuiden is het strand vrij rotsachtig en heeft het grillige inhammen. Vanwege de zee hebben de Marokkanen een grote handelsgeest. Het weer aan de kust is mild. In het noorden is het misschien wat kouder en natter. De vochtigheid is er groot. De rivieren zijn een belangrijke waterbron voor de bevolking op het platteland.

In het noorden ligt het Rifgebergte, bestaande uit kalk- en zandsteen. Aan de kust kunnen de wanden vrij steil zijn. Het gebergte beschermt de kust tegen invloeden uit het binneland. De Berbers gebruiken de bergen als landbouwgrond, omdat het erg vruchtbaar is. In de zomer is het er aangenaam warm, maar in de winter kan het er vrij koud zijn. Het voorjaar kent een hevige regenperiode. De Midden-Atlas ligt in centraal Marokko. Het hoogste punt is 3340 meter. In het midden van het gebergte wordt veel landbouw bedreven. In de Hoge Atlas ligt de hoogste bergtop van Noord-Afrika: Jebel Toubkal (4167m). In het zuiden gaat het gebergte relatief snel over in de woestijn. Het overgangsgebergte heeft de Anti-Atlas en beschermt de rest van ht land tegen de hete woestijnwinden.

In het zuiden begint de Sahara. In het begin is het nog behoorlijk rotsachtig. Hier wonen nauwelijks mensen. Hier en daar staan groepjes palmbomen. Je vindt er ook zanderige duinen. Het kan er behoorlijk warm zijn, maar door de lage luchtvochtigheid koelt het er 's avonds snel af.

Flora en fauna. Vanwege de grote variatie in ecosystemen (kust, bergen, woestijn) zijn er veel soorten planten en dieren. De uitbreiding van de steden bedreigt de natuur wel.

Aan de Middellandse zee is het leven in zee niet zo bijzonder meer vanwege de steden en scheepvaart. Aan de Atlantische kust daarentegen kun je bijvoorbeeld dolfijnen spotten. Ook zijn er veel soorten vogels. Ondanks het barre klimaat leven er heel wat dieren in de woestijn, zoals de jakhals, hagedissen en slangen. In het meer rostachtig gedeelte komen ook hyena's en vossen voor. De meeste woestijndieren zijn 's nachts actief wanneer de temperatuur gezakt is. In de bergen komen berberapen voor. Andere bergdieren zijn gazellen, vossen en lynxen. Er zijn ook veel roofvogels, zoals gieren en adelaars. Tot de bedriegde diersoorten behoren de kale ibis, het Berber luipaard, addax antilope, woestijnrat, schildpad, monniksrob, en een aantal gazellesoorten.

In het voorjaar staan veel planten in bloei. Vooral in het zuiden komen veel fruitbomen voor.

Nationale parken. Marokko doet nog niet echt veel aan bescherming, maar er komt verbetering in. Er worden steeds meer nationale parken opgericht. Spanje en de VS doen er ook onderzoek en betalen mee aan het onderhouden en creeren van beschermde gebieden. Toch is minder dan 0.05% van het Marokko beschermd. De nationale parken zijn zeer belangrijk voor het toerisme en dat levert weer geld op.

Milieu. De bevolking is erg afhankelijk van het land en dat kan soms in conflict zijn met het doel natuur te beschermen. Door de opwarming mislukken bovendien meer oogsten en drogen de rivieren op. Boeren kappen bossen voor meer landbouwgrond. Er bestaan geen regels voor jagen, zodat veel dieren geen bescherming hebben. Er ontstaat zo een overschot aan grazers die het gras wegeten. Hierdoor ontstaat een arme grond.

Naar boven